29 maart 2013

Taaltips voor evenementenpromo

Wie advies geeft over evenementenpromo vermeldt gewoonlijk dat je geen enkele W mag vergeten:
  • Wie: wie organiseert het evenement, en voor wie is het bedoeld?
  • Wat: wat staat er te gebeuren, wat mogen de bezoekers verwachten?
  • Waar: als je dat niet vermeldt, geraakt er niemand ter plaatse.
  • Wanneer: nogal evident, maar toch ...
  • Waarom: is niet altijd nodig, maar als je een speciaal doel hebt (fondsen werven voor een goed doel bijvoorbeeld), kan dat een extra reden zijn om te komen.
  • Hoe: begint niet met een w maar mag ook niet vergeten worden. Wat moet je doen om je in te schrijven, hoeveel moet je betalen, hoe geraak je er, moet je je verkleden of iets speciaals voorzien, enz.
Wat ze meestal niet vermelden, zijn de taal- en andere fouten die dikwijls in de promoteksten sluipen, laat staan hoe je ze vermijdt.
Organisatie XYZ organiseert op 1 april in het Vlaams Parlement een vormingsnamiddag over onderwerp blablabla. Meer weten? Je kunt het programma terugvinden op www.blablabla.be. Voor vragen kun je ook terecht op info@blablabla.be. Noteer de datum nu al in je agenda, en hou ons tijdschrift in de gaten voor meer info. De eerste 20 inschrijvingen die bij ons toekomen, winnen een prijs.
Duidelijk? Jazeker. Wervend? Ook, min of meer. Goed geschreven? Laat me niet lachen.
  • Je kunt pas iets terugvinden als je het eerst kwijt was. Dat programma vind je dus niet terug op de website, je vindt het. 'Je kunt het vinden' is bovendien twijfelstijl. Het lijkt wel alsof je twijfelt aan je lezers: 'in theorie is het mogelijk dat je de info vindt op de website'.
  • Moet je een quiz maken maar heb je geen inspiratie? Mail dan naar info@blablabla.be, want daar kun je terecht voor vragen. Klopt niet, hé? Het is dus niet voor maar met vragen dat je daar terechtkunt.
  • Als je nog datums moet noteren, hebben ze je geen agenda aangesmeerd maar een notitieboekje. De datums staan al allemaal in een agenda. Wat jij nog moet doen, is er iets bij schrijven of ze markeren.
  • Hoe hou je een tijdschrift in de gaten? Ofwel heb je het nog niet, en kun je er alleen naar uitkijken; ofwel heb je het wel al en kun je het gewoon lezen. Vermeld naar welke editie ze moeten uitkijken, bij voorkeur met de verschijningsdatum erbij.
    Een website kun je wel in de gaten houden, want daar verandert al eens iets op, maar het is klantvriendelijker als je vermijdt dat mensen dagen aan een stuk op F5 moeten drukken. Vermeld bijvoorbeeld wanneer de informatie online komt.
  • Volgens Taaladvies.net is het niet duidelijk of 'toekomen' standaardtaal is in Vlaanderen. Je komt ergens aan toe (je vindt er tijd voor), er komt je iets toe (je hebt er recht op) of je komt ergens mee toe (je hebt er genoeg). Die inschrijvingen komen aan of ze komen binnen.
  • Het zijn niet de inschrijvingen die een prijs winnen, maar de mensen die zich inschreven. En nummers tot en met twintig schrijf je het beste voluit.
Muggenzifterij? Jazeker. Het belangrijkste van communicatie is nog altijd dat je elkaar begrijpt. Het fragmentje vol fouten is zeker niet onverstaanbaar. Maar fouten ergeren mensen – kijk maar naar alle internetdiscussies die ontaarden in gescheld over taalfouten en slordigheden. En mensen die je naar je evenement wilt lokken, die wil je niet ergeren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen